Industrieel ingenieur

Algemene informatie over de opleiding industrieel ingenieur:

Heb ik de juiste voorbereiding?

Alle leerlingen die de overgang naar student meemaken ervaren dat op een andere manier, maar de belangrijkste reden voor het slagen van je eerste jaar vind je niet direct in de juiste voorbereiding. Er zijn in alle richtingen studenten die een uitzondering zijn op de regel en slagen zonder veel moeite. Maar of dat jij zal slagen je 1e jaar hangt waarschijnlijk af van je studiemethode en inzet. Het is essentieel om tijdens het jaar alles bij te houden. Indien je de labo’s en oefeningen zelf voorbereidt en begrijpt, de theorielessen volgt, begrijpt en eventueel thuis al samenvat zul je normaal niet al te veel problemen tegenkomen.

De vooropleidingen die het beste aansluiten bij de opleiding tot industrieel ingenieur zijn:

  • Industriële Wetenschappen (TSO)
  • Wetenschappen Wiskunde (ASO)

Maar algemeen gesproken kan iedereen die een TSO of ASO diploma heeft behaald en die zich houdt aan bovenvermelde studie-ethos zeker slagen. Algemene informatie over de toelatingseisen vind je hier.

Waarom kiezen voor de richting industrieel ingenieur?

Wie kiest voor de opleiding industriële wetenschappen kiest voor theorie gecombineerd met praktijk. 50% van het aantal lesuren is theorie, 25% zijn oefenzittingen en de overige 25% zijn labo’s.

1e jaar bachelor industriële wetenschappen

Het eerste jaar van de opleiding industriële wetenschappen begint op ‘De Nayer’ met enkele algemene vakken die de brede en theoretische kennis moet aanbrengen. Deze algemene fase duurt 3 semesters, pas vanaf het 4e semester moet je een keuze maken tussen bouwkunde, chemie, elektronica-ict of elektromechanica. Wie de opleiding bijvoorbeeld op Artesis volgt,  moet direct een keuze maken waardoor je minder algemene vakken zult krijgen.

Het aantal lesuren varieert tussen 20 en 30 uren per week, gemiddeld kom je uit op ongeveer 25 lesuren. Merk op dat enkel de labo’s verplicht zijn, maar de oefenzittingen en theorielessen zijn zeker aangeraden. Voor de oefenzittingen en labo’s word je onderverdeeld in kleinere groepen van ongeveer 20 studenten, maximum 25.

2e jaar bachelor industriële wetenschappen

Tijdens het tweede jaar van je opleiding tot industrieel ingenieur zal je tijdens het eerste semester nog enkele algemene vakken krijgen alsmede projectwerk. Tijdens de voorbereiding en uitvoering van het project leer je werken in groep, verslagen schrijven en presenteren.

Het tweede semester volg je helemaal in je keuzerichting. Alle vakken zullen nu direct betrekking hebben op je interessegebied en je motivatie zal hierdoor zeker stijgen. Vanaf dit semester krijg je echt het gevoel dat werken/leren (voorbereiden van labo’s buiten beschouwing gelaten) tijdens het jaar echt nodig is, naast het volgen van de hoorcolleges.

3e jaar bachelor industriële wetenschappen

Tijdens dit jaar maak je in het tweede semester je bachelorproef wat een eerste grote test en voorbereiding is op je masterproef. Na het behalen van je bachelor zou je kunnen stoppen, maar de meeste studenten zullen de master er zeker bijnemen.

Master in de industriële wetenschappen

Het masterjaar staat helemaal in teken van je masterproef waarna je na het tot een goed einde brengen van dit jaar je jezelf en door anderen eindelijk industrieel ingenieur mag noemen en de afkorting ing. voor je naam mag gebruiken.

Voor wie vanaf het academiejaar 2013-2014 start met de academische bachelor industriële wetenschappen zal de master met één jaar uitgebreid worden waardoor je waarschijnlijk nog een extra stage of project moet afwerken. De uitbreiding van de master is momenteel nog niet doorgevoerd, dus de huidige studenten zullen nog altijd een één jarige master hebben.

2 reacties

  1. Vandecauter Jm schreef:

    Indien je de labo’s en oefeningen zelf voorbereid en begrijpt … moet zijn: “voorbereidt”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Geef jij je volgers ook een cool artikel?